Studentenpiano

Wij pianostemmers komen bij veel mensen thuis. Bij jonge mensen, oude mensen, gekke mensen, verlegen mensen, brutale mensen, onbeschofte mensen en gelukkig ook heel veel lieve mensen.

En dan zijn er nog de stuiterende kinderen, brave hendrik kinderen, stinkende honden, keffende hondjes, scheenbeenberijdende kuthondjes, stokoude poezen of wat-moet-jij-hier-nou starende katers.

Niet te vergeten zijn er dan nog de huizen; propere huizen, bomvolle huizen, stinkende huizen, ambi-pur huizen, kattenpis huizen, ijskoude huizen, snikhete huizen, droge huizen, schimmelhuizen, enzovoort.

U zou dus denken dat wij stemmers, na al die jaren, wel wat gewend zijn. Toch bestaan er situaties die zelfs voor ons te gortig zijn. Vorige week was het weer zover. Ik belde aan bij een studentenvereniging. Ik hoor u denken: “Oh, een studentenvereniging. Tja, dan kan je ellende verwachten”. Ja, ik was inderdaad voorbereid. Ik verwachtte minstens een piano met van bier aan elkaar klevende toetsen, met minstens dertig zwarte brandplekken door uitgedrukte peuken. Dit alles vanzelfsprekend in een entourage van zevendehands bankstellen vol gaten en scheuren, een klevende vloer en een penetrante, ranzige geur van bedorven etensresten. Want zo ben ik ze inderdaad wel ’s tegengekomen.

Maar dit keer ging het anders.
Een student in een smetteloos pak deed open en bracht me naar de ruimte waar de piano stond. Een keurige bar met daarop zelfs een vaas met bloemen! Bloemen! In een studentenhuis! Een keurig bankstel, fleurige gordijnen, een smetteloze biljarttafel en een zwarte hoogglans piano. Ik tikte met mijn voet een paar keer tegen de houten vloer, maar nee, ik bleef niet kleven.
Verrukt en verrast nam ik plaats achter de piano. Maar tijdens het stemmen bekroop mij toch een angstig gevoel. Horen studenten niet gewoon viespeuken te zijn? Hoe kan het dat ze hier zo schoon zijn? Waar staat die verborgen camera? Maar nee hoor, ’t was allemaal echt!
Toen ik klaar was bleek de student met wie ik zou afrekenen in geen velden of wegen te bekennen, dus wandelde ik wat door het pand en belandde zo in de keuken. Op het aanrechtblad een heuvel afwas, minstens vijf tegels hoog. Tegen de muren vetspetters en op het plafond resten van tomatensaus. En ja hoor, de vloer plakte onder m’n schoenzolen! Hè, gelukkig! Ik haalde opgelucht adem…..studenten zijn nog steeds viespeuken!

 

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s